Zes vragen aan Rutger Slok over Brede School Weesperrijk

Op 14 november jongstleden is gestart met de bouw van de nieuwe energie-neutrale scholen in de wijk Weespersluis. De leerlingen die vanaf 2021 naar hun nieuwe school gaan, hebben op deze dag het startsein voor de bouw gegeven. Rutger Slok is de directeur van de nieuwe Brede School Weesperrijk. In dit korte interview schetst hij de nieuwe school aan de hand van zes vragen.
  1. Wat voor school gaat de Brede School Weesperrijk worden?

‘De eerste paal is inmiddels geslagen. Aan onze fysieke basis wordt nu gewerkt. Onze onderwijsinhoudelijke vertrekpunten zijn inmiddels helder. Over de exacte invulling buigen wij ons nu samen met leerkrachten, ouders en onze samenwerkingspartners want we zijn meer dan alleen een basisschool.’

 

  1. Wat is jullie focus?

‘In onze school richten we ons op de op de brede (talent)ontwikkeling van de kinderen, het actief leren van de kinderen, de autonomie in het onderwijs, de samenwerking op alle niveaus, hoge kwaliteit van het onderwijs en leren, duurzaam leren door onderwijs dat boeit en duurzaamheid van de school.’

 

  1. Waar leren jullie leerlingen?

‘Leerlingen maken in het nieuwe gebouw in wisselende groepssamenstellingen gebruik van het leerplein, groepsruimten en kleinere ruimtes. Iedere groep heeft een eigen klaslokaal dus leerlingen zitten niet de hele dag in een vast lokaal op dezelfde plek. Waar dat het leren bevordert kan ook sprake zijn van groep overstijgend werken. Op deze manier maken wij letterlijk ruimte voor de brede ontwikkeling van onze leerlingen.’

 

  1. Hoe creëren jullie veiligheid op school?

‘Het is van cruciaal belang om ieder kind te zien én goed te kennen. Wij vinden het belangrijk dat ieder kind zich thuis voelt op school. Een vaste groep is de basis voor het onderwijs dat gegeven wordt. In deze groep wordt de dag gestart en het is de ‘thuisbasis’ gedurende de rest van de dag. Aan het einde van de dag wordt in deze groep de dag weer afgesloten en kijken de leerkrachten met de leerlingen terug op het geleerde.’

 

  1. Hoe draagt een vaste groep en zo’n gezamenlijke start en afsluiting hier dan aan bij?

‘Het is onze aanpak om kleinschaligheid binnen de grootschaligheid van de hele school te creëren voor onze leerlingen. Deze kleinschaligheid komt ook tot uitdrukking bij het geven van instructies. De behoefte van de leerling bepaalt grotendeels waar, door wie en op welk niveau het kind instructie krijgt. Onze school organiseert het onderwijs rondom het kind. We leren kinderen zelfstandig te werken en leren én samenwerken en samen leren.’

 

 

 

  1. Wat is nog van belang om te weten over jullie onderwijsaanpak?

‘In onze school leren kinderen duurzaam door onderwijs dat hen boeit en uitdaagt. De basis voor het leren is een goede instructie. De inrichting van de school, de keuzes in methoden, middelen en materialen stimuleert hen tot onderzoekend leren. Leerkrachten maken flexibel gebruik van werkvormen om het leren zo veel mogelijk te ondersteunen. Een belangrijke pijler daarbij is, dat het kind eigenaar wordt van het eigen leerproces: de leerlingen volgen per week een persoonlijk plan en als thuisbasis heeft het de eigen stamgroep op basis van leeftijd.